Liefde, verliefdheid en hechtingstijlen

Als je verliefd bent en er ontstaat gaandeweg duurzamere liefde speelt de wijze waarop je je vroeger hechtte aan je ouders/verzorgers een belangrijke rol. Je kunt je afvragen: waarom lukt het me niet om een relatie te houden. Of: waarom heb ik bindingsangst. Dit heeft alles te maken met hechtingsstijlen. Cruciaal voor de manier waarop je als volwassene een relatie aangaat is de eerste kennismaking met liefde in je leven en de manier waarop je je als baby en jong kind kon hechten.

Om een succesvolle liefdevolle relatie te kunnen hebben en houden, is dus je hechting als baby en jong kind cruciaal. Hoe je met liefde omgaat is inherent aan je hechting als baby en jong kind. Om meer inzicht te krijgen in je gedragen wat betreft relaties, moet je dus nagaan welke hechtingsstijl voor jou van toepassing is. Sommige relatieproblemen lopen voor bepaalde mensen als een rode draad door het leven en het kan steeds weer hetzelfde gedrag zijn waarop relaties stuklopen: onder meer bindingsangst, claimgedrag, gereserveerdheid, zelfopoffering. Om een liefdevolle en bevredigende relatie te houden is het dus wel handig om de hechtingsstijlen onder de loep te nemen en te kijken welke voor jou geldt.

Globaal gezien zijn er drie hechtingsstijlen:

Veilige hechting

Baby’s met begripvolle, liefdevolle en verzorgende ouders voelen zich veilig. Vooral als de ouders de communicatie van baby/jong kind beantwoorden en hierop liefdevol reageren. Dit is heel belangrijk. Baby’s nemen al heel vroeg initiatief om te communiceren. Doordat er liefdevol op hen gereageerd wordt weten ze dat de persoon bij wie ze het meeste zijn (dit hoeft niet persé de moeder te zijn, kan ook de vader zijn) hen een veilige thuishaven biedt. Daardoor zijn ze zeker genoeg om hun omgeving actief te verkennen. Als hun moeder weg is worden ze onrustig en zoeken ze lichaamscontact en troost als ze haar weer zien. Volwassenen die als kind veilig gehecht zijn, worden later meestal ook veilig gehechte minnaars. Ze zijn vol vertrouwen, wekken vertrouwen op en vinden het fijn om in de buurt van de partner te zijn. Wanneer ze onder spanning staan, zoeken ze steun bij hun partner en zelf staan ze ook klaar voor de partner. Het gevoel van eigenwaarde is groot, evenals het respect voor anderen. Veilig gehechte volwassenen genieten van seks, zijn positief, optimistisch en opbouwend in hun relatie. Relaties zijn dan ook meestal duurzaam. Ook naar hun ouders toe hebben ze meestal nog altijd warme gevoelens. Ongeveer 55% van de mensen valt onder deze categorie.

Angstig ambivalente hechting

Als ouders inconsistent zijn en onbetrouwbaar, dan ontwikkelen kinderen meestal een angstige ambivalente hechtingsstijl. Inconsistent en onbetrouwbaar wil zeggen dat ouders zich laten leiden door hun (sterk) wisselende gevoelens. Zo kunnen ze steeds weer anders op hun baby/jonge kind reageren. De ene keer kan de ouder liefdevol en begripvol zijn als het kind huilt, de andere keer reageert ze hierop vol ongeduld. Het kind wil heel graag bij zijn moeder zijn, maar als de moeder er eenmaal is dan kan het kind nukkig of boos doen, zich verzetten of moeilijk laten troosten. Volwassenen die als kind angstig ambivalent gehecht zijn kunnen later tweeslachtige minnaars zijn. Ze doen veel om aandacht te krijgen, tonen zich aanhankelijk en zijn snel verliefd. Na verloop van tijd zijn ze vlug jaloers, achterdochtig of kwaad op hun partner. Dit brengt natuurlijk relatieproblemen met zich mee en deze volwassenen hebben regelmatig last van wisselende stemmingen. Toch hebben ze enorme behoefte aan liefde en bevestiging, en dit is ook waar ze op gericht zijn: om dit te krijgen. Ze hebben zelden het gevoel de echte liefde te kunnen vinden. Ze zijn onzeker, twijfelen aan zichzelf, hebben weinig gevoel voor eigenwaarde en verlatingsangst. Een relatie is zo moeilijk vol te houden. Wat betreft hun relatie met hun ouders: dit is meestal een haat-liefde-relatie en ze kunnen hun ouders als bemoeiziek of oneerlijk ervaren. Zo’n 20% van de mensen heeft deze hechtingsstijl.

Ontwijkende hechtingsstijl

Wie is geboren bij ongeïnteresseerde, afwijzende of afstandelijke en rationele ouders heeft grote kans om een ontwijkende hechtingsstijl te ontwikkelen. Kinderen die bij deze ouders opgroeien hebben als snel het idee dat ze hen niet met hun gevoelens lastig moeten vallen. Ze vermijden contact, negeren de aanwezigheid van hun ouders, richten zich op iets anders of trekken zich helemaal in zichzelf terug. Het gevolg hiervan is dat ze het erg moeilijk vinden om met hun gevoel in contact te staan en dat ze langzaam maar zeker van hun eigen gevoel vervreemden. Volwassenen met deze hechtingsstijl kunnen zich ontpoppen tot ontwijkende minnaars die zich ongemakkelijk voelen bij intimiteit. Ze hebben vluchtgedrag, storten zich op werk, kruipen achter de computer of televisie en zijn dus onbereikbaar. Zelfs het vrijen kan een vlucht zijn. Meestal houden ze seks oppervlakkig en kunnen ze zich emotioneel niet met hun partner verbinden. Ze vinden het moeilijk om zich te hechten aan hun partner, investeren niet veel in hun relatie en kunnen zelfs opgelucht zijn als de relatie beëindigd is. Met hun ouders hebben ze een afstandelijke en koude relatie en ze beschrijven hun ouders ook als zodanig.